zaterdag 28 november 2009

Bangkok

We hebben het kort gehouden in Maleisie. Van Kuala Lumpur hebben we een spotgoedkoop vluchtje naar Bangkok genomen voor 70 euro per persoon. Waarom niet meer in Maleisie gedaan? Een samenloop van redenen:

- Vooral het klimaat. We hadden weer onterecht gedacht dat het vanaf half november wel goed weer zou zijn hier, maar blijkbaar is Maleisie het ganse jaar onderhevig aan regen. De ene helft onder invloed van de west moesson, nu onder invloed van de oostmoesson. Een van de basic lessen van reizen: ga er niet vanuit dat als je het klimaat in een land kent (vb Thailand), dat je moet veronderstellen dat het in het buurland idem dito is.

- Geen tijd (en waarschijnlijk ook niet genoeg zin) om naar Maleisisch Borneo te gaan, wat een natuurparadijs is met allemaal vreemde dieren (zoals de grootste kakkerlak ter wereld naar het schijnt, hoewel we dat nu niet per se moesten zien)

- Op het vast land van Maleisie is de westkust qua fauna en flora niet op zijn spectaculairst. De oostkust is beter, maar aangezien de oostmoesson volle bak intrede had gedaan, was het niet de moment om daar naartoe te gaan. Tropische stranden met donkere wolken en regen verliezen toch veel van hun aanbiddelijkheid. De oostkust heeft naar het schijnt wel prachtige stranden en eilanden, maar om de een of andere reden worden we toch minder naar stranden gezogen dan vroeger.

- En dan een belangrijke reden die eigenlijk niets met Maleisie te maken heeft, we moeten eerlijk blijven, is dat we gewoon alletwee zin hadden om terug naar Thailand te gaan. Voor Caroline is dit 7 jaar geleden, voor mij op de kop 2, zo bewijze deze foto van twee jaar geleden met een gekende partner in crime.



We hebben alletwee zeer aangename herinneringen aan dit land en keken uit naar het land van de lach, de boeddhistische cultuur en het lekker eten en een van de allerbeste pilsbieren in de wereld: CHANG, pils met 6,4% alcohol. Het weer is hier trouwens ook top. Ook zijn we alletwee enorm nieuwsgierig hoe een land op enkele jaren kan veranderen. En volgens echte Thailand kenners is 1 jaar in Thailand veel, laat staan 2 of 7. Zodanig hebben we echt veel tijd om wat in Bangkok te hangen, de sfeer nog wat op te snuiven tot Caroline haar mama op 2 december ons vervoegt, en we vervolgens met een vriend van hun familie en reeds vele jaren een inwoner in Thailand we het noorden gaan binnenste buiten draaien. Voor Caroline haar mama is het de eerste keer buiten Europa, en een persoonlijk weerzien van moeder en dochter na 6 maanden teren op wat skypegesprekken, dus dit gaat een spannend avontuur worden. To be continued.

Sommige dingen blijven echter hetzelfde (met dank aan de voortdurende restauratiewerken)

Het koninklijk paleis met de prachtige tempel Wat Phra Kaew:






Golden Mount, een van de belangrijkste religieuze centra in Bangkok (op achtergrond):



Andere bouddhistische tempel, met een unieke structuur die heel anders is dan de andere tempels in Bangkok:



Wat Arun: aan de overzijde van de rivier en levensader van Bangkok, in Thonburi, de kant waar de zetel van het koningrijk was voor het eigenlijke Bangkok is gesticht in 1782.


Eind volgende week vertrekken we naar het noorden, en meteen naar een van de parels, Chiang Mai. De dag van onze aankomst verjaart de koning: Bhumibol, de langst regerende vorst ter wereld en door zo goed als alle Thai echt op handen gedragen. Zijn portretten zijn overal in de stad aanwezig, op billboards, T-shirts, you name it. Belooft een feestje te worden die 5e december, maar eerst nog wat rustig (is dat eigenlijk wel mogelijk?) genieten in Bangkok.


woensdag 25 november 2009

Kuala Lumpur: Petronas, pero nada mas

Kuala Lumpur riep bij ons enkel het beeld op van de Petronas-Towers. Het hoofdkwartier van de nationale petroleummaatschappij Petronas, het hoogste gebouw ter wereld tot in 2001 in Taiwan een hoger is gebouwd (welk in de volgende jaren door een nog hoger in China, Sjanghay als ik me niet vergis, zal voorbij gestoken worden), een tot de verbeelding sprekende building die figureerde in de film Entrapment met S.Connery.

Hieruit hadden we foutief afgeleid dat de ganse stad de innovative toer was opgegaan, stijl Singapore, maar dan in een light versie ervan. Maar de light was dan toch erg light. Buiten deze building, waren er uiteraard nog veel recente gebouwen, maar niet architectonisch de moeite.




Architectonisch meer de moeite waren de vele moskeeen, waarvan trouwens ook geen enkele door een Maleisier is ontworpen. De oudste rechtstaande is een mooi gelegen moskee, een oase in het hart van een enorm vervuilde en drukke stad, op het einde van de 19e eeuw door een Brit ontworpen.



Verder nog een van de allergrootste moskeeen van Azie gezien, weer talrijke Chinese tempels en enkele Hindu.

Zoals gezegd was de stad waanzinnig vuil. Buiten het up-market gedeelte met de chiquere buildings, maar vooral wederom waanzinnige shopping malls, zagen we ‘s avonds trottoirs waar geregeld ratten liepen, en op sommige plekken vele tientallen kakkerlakken op een vierkante meter bij elkaar zaten de vetzakkerij van het trottoir te likken. Dat ging toch lichtjes in tegen het beeld dat wij van KL hadden. Qua veiligheid ook in niets te vergelijken met Singapore, zoals blijkt uit sommige bijzondere 'verkeersborden'.


Verder nog eens een grensje verlegd. Hoewel ik alleen vis apprecieer als die gefileerd op mijn bord ligt, heb ik een Taiwanese 'doctor-fish' massage ondergaan. Honderden vissen die de dode huidcellen van je voeten happen. De eerste minuten bijna niet uit te houden, maar het werd beter na een paar minuten.





Met een stel propere voeten en echt waar een relaxer gevoel verder de drukke stad in, naar Merdeca Square, waar de koloniale gebouwen en de high rise samen het decorum vormen.





Er zijn twee dingen die ons sterk zijn bijgebleven: wederom de vreedzame samenleving tussen verschillende bevolkingsgroepen en de waanzinnige hoeveelheid naamaakproducten van slechte tot vrij goede kwaliteit.

Het interessantste aan het kosmopilitische KL is toch weer de vreedzame samenleving tussen bouddhistische of taoistische Chinezen, Tamil Indiers en Malay Muslims. Jonge koppeltes van verschillende ethnische groepen die hand in hand lopen is wel mooi om zien als je weet dat hier eind jaren 60 nog rassenrellen met verschillende doden zijn geweest. De politiek is en was hier sinds de tijd van de sultan van Melaka in handen van Malay muslims, maar de Chinezen runnen toch maar weer de economie. Duidelijk waar het geld zit, en de invloedrijke Malay clans in de politiek runnen hun land nu ook niet op de manier dat Transparantie International hun hoog kan ranken op hun jaarlijkse ‘Corruptie-vrije en transparante bestuur onderzoek’. Het gevolg van de rellen eind jaren 60 is wel dat de overheid duidelijk 1 Maleisie promoot, want de ene bevolkingsgroep kan duidelijk niet zonder de andere. Het geld van de Chinezen is vooral ontontbeerlijk en de allergoedkoopste arbeid gebeurt door de Indiers. Een uurloon voor de opdiener in een food court ligt op 0.8 eurocent per uur of 5u werken voor twee McMenu ‘s (neen, we eten dus nog steeds deze rotzooi om eens iets anders binnen te krijgen dan noodles en rijst) of 2u voor een blik bier van een halve liter in een 7eleven nachtwinkel. Maar zonder een sociaal vangnet moet je hier wel werken.

Het volgende wat we nog nooit in deze getallen gezien hebben is de namaak. In waanzinnige aantallen, van slechte maar soms ook van goede kwaliteit, de gebruikelijke kleding, schoenen en handtassen, maar ook parfums, horloges, pennen en ga maar door. En open en bloot op waanzinnige grote markten. Afdwingen van merkenrechten hoort hier duidelijk niet bij de prioriteiten. Er moeten hier fortuinen aan verdiend worden.

Wat het eten betreft kunnen we al geen Chinees of Indisch meer zien en we zijn nog niet in China of Indie aangekomen. Waar een Chinees in Belgie een ruime kaart heeft, met het beste uit alle streken, en de exotische rommel als varkensneuzen en kippepoten uit zijn soep laat, is hier de keuze steeds beperkt tot de gerechten uit de streek waar de Chinees in kwestie uit komt, en gericht op de Chinezen uit dezelfde streek: echt Chinees dus waar je 70% niet wil van eten. De enkele malen Indisch was op zich niet slecht, maar zo pikant dat je na een paar happen niet meer kan. Die laatste 3 maanden van onze reis gaan echt de grootste cultuurshock van ons leven worden en een ware uitputtingsslag. Dat is nu al wel duidelijk.

donderdag 19 november 2009

Melaka: een stad die leeft van en in het verleden

Met pijn in het hart verlieten we Singapore, maar beiden weten we dat we hier nog terugkomen, al is het maar om te shoppen en feesten. Met de bus naar Maleisie, de brug over die Singapore met Maleisie verbindt. 3 uur later waren we al in Melaka, de historische havenstad aan de straat van Melaka. Deze internationale havenstad is weer een interessant smeltkroes van volkeren, same same als in Singapore. In de 14e eeuw onder het Sultanaat van Melaka werd deze stad de havenstad bij uitstek die de tocht tussen Europa en/of Indie in het westen en China en de rest van Zuid-Oost Azie in het oosten reguleerde. Een meerderheid Malay moslims, maar ook veel Chinezen en Indiers die doorheen de eeuwen als handelaar hier zijn aangespoeld, gebleven en vermengd met de Maleisische bevolking. Vandaag beheersen de moslims de politiek, maar de Chinezen runnen hier de economie. Vreemd genoeg spreken ze hier dezelfde taal als in Indonesie, dus hadden we uit het verleden meteen de noodzakelijke basiszinnetjes weer klaar om de alles goedkoper te regelen, mensen te charmeren enz. Een propere kamer voor 6 euro, we love South East Asia. Hoewel deze stad een zeer interessant verleden heeft door zijn strategische ligging, en de stad na de heerschappij van de sultaan 400 jaar respectievelijk aan de Portugezen, Hollanders en Engelsen heeft toebehoord tot halverwege de 20e eeuw, is hier buiten het verleden niets te beleven. Geen moderne aspecten zoals in Singapore die weten te fascineren: een stad die leeft van en in het verleden en sinds 2 jaar op de Unesco werelderfgoedlijst is gezet wegens zijn unieke karakter aan gebouwen, culturen en zijn cruciale rol in 500 jaar geschiedenis tussen oost en west.

Een replica van een 500 jaar oud houten paleis van een sultaan. Hout zonder ook maar een nagel.



Een foto met de jezuiet die patroonheilige was van de school waar ik 12 jaar van mijn leven hebt doorgebracht: Fransiscus Xaverius. Bij zijn dood hier begraven voor enkele maanden, totdat hij is overgebracht naar zijn finale rustplek in Goa, India. We zullen hem daar nog eens gaan bezoeken op het einde van onze reis.



Het Hollandse Stadhuys, met de Hollandse kerk.



Een van de vele Chinese tempels.



Het Hollandse hart van de bestuurswijk

dinsdag 17 november 2009

Singapore: voorproefje van een voorbeeld voor Azie

'Where east meets west, where tradition meets innovation.' Dit zegt al veel. 75% Chinezen, 15% Malay, 9% Indisch, en 1% andere global citizens. Buddhisme, Taoisme, Hindouisme, Moslims en enkele katholieken. Traditionele tempels en moskees, kerken, Engelse koloniale gebouwen en de meest moderne wokenkrabbers. Kraaknet, enorm klantgericht, efficient en veelzijdig. Nu zijn we beiden we Asia lovers, maar dit slaat alles. Een prachtige smeltkroes waar verschillende Aziatische culturen samen komen. Etnische wijken als Chinatown, Little India en de Moslim wijk, waar je je letterlijk in China, Inda of het Midden Oosten waant. En veel plekken waar je op de mensen na in Londen, NY of noem maar op kan wanen. Waar op veel plekken ter wereld ze blanken en toeristen proberen te melken, ervaar je hier zelfs het omgekeerde. Wij verblijven in een hotelleke en krijgen dit als internationaal toeristen voor een goede 35 euro, terwijl de gewone instapprijs veel hoger ligt. Shoppingmalls waar je van spotgoedkoop tot de allergrootste luxe vindt. De flagship stores van Prada, Louis Vuitton en Dior liggen naast elkaar, en zouden de helft van de langste kant van de Huidevetterstraat innemen. Gaan stappen in een nachtclub, de Zouk, wat een van de beste clubs is waar we ooit in ons leven voet hebben binnengezet. Alles superproper, hypermodern, efficient, maar waar je ook komt, veel traditionele elementen. Hier hebben we het enorm naar onze zin. Een stad vol bezienswaardigheden, een woud erin waarin naar het schijnt evenveel boomsoorten staan als in Noord-Amerika, een botanisch tuin met 1000 orchidee soorten, een opgewaardeerd zij-eiland dat tot amusementseiland met stranden is omgevormd. Maar evengoed kan je in een etnische wijk in een eetstalletje samen noodle soup sluperen voor 2 euro, naar de mensen kijken en uitzonderlijk zelfs door de eigenaar getrakteerd worden omdat hij er deugd van heeft dat je van zijn plek en stad aan het genieten bent. Als je bedenkt dat deze stad op enige decennia van de derde wereld naar de eerste wereld is overgestapt, kan je ook een idee krijgen waarom het zwaartepunt van de wereld van de 19e eeuw in Europa, naar de VS is verschoven in de 20e eeuw, en in de 21e eeuw sterk richting Azie zal verschuiven. Toevallig was hier ook de bijeenkomst van de APEC (Asia Pacific Economic Cooperation). Obamma die op 10 minuten wandelen van ons hotel zat te vergaderen en uitspraken deed waaruit duidelijk blijkt dat de VS leiders beseffen dat we de macht in de 21e eeuw met de Aziaten zullen moeten delen. Een schitterend begin van ons Azie luik van onze reis, met nog evenveel tijd te gaan als we reeds achter de rug hebben.


Een stad met een interessant verleden en technische innovaties in stadsplanning en technologie waar elk westers land veel kan van leren.



























maandag 16 november 2009

How Australia didn't meet expectations...

Even een slotbeschouwing bij een land dat in veel listings als nummer 1 'reis'land naar boven komt, maar alleszins niet (meer) in de onze.

About the people.
Australiers hebben het imago easy going en zeer vriendelijk te zijn. We hebben alleszins verschillend super toffe ozzies ontmoet, maar onze algemene indruk is toch genuanceerder. Easy going kan je vaak vervangen door laks, en we hebben de indruk dat je vooral easy going moet zijn met je verwachtingen tov hen. Vriendelijke, behulpzame, nieuwsgierige mensen hebben we zeker ontmoet. Maar als toerist hebben we toch ook de andere kant gezien. Voor een land waar ze (zeker aan de east coast) van het toerisme moeten leven, is hun klantgerichtheid en -behulpzaamheid vaak ver beneden verwaching gebleven. Wsl ligt dat voor een stuk weer aan onze verwachingen. Een groot westers land waar we klantgerichtheid op hetzelfde niveau van Europa of de VS verwachtten. Maar niets van dat. Slechte informatie krijgen, halve waarheden zolang je maar een excursie koopt, extra betalen omdat je met een creditcard betaalt (2% voor visa en mastercard en 4% voor diner card of american express), extra betalen in cafes en restaurants omdat het zondag is, een boertige klantendienst en baliebedienden bij de grootste luchtvaartmaatschappij Qantas en ga maar door. En hoewel wij als kritisch geluid een uitzondering zijn in de massa van Australie aanprijzende onkritische reizigers, zijn we zeker niet de enigen. Edwin en Bruno zijn op drie weken tot dezelfde conclusie gekomen. De zonderlinge Amerikanen met wie we praatten idem dito. Het feit dat weinig mensen op een gigantisch eiland wonen maakt hun letterlijk en figuurlijk een stuk afgesloten van de wereld en globale standaard van dienstverlening. Het feit dat je hier vaak weinig concurrentie hebt, geen uitwijkmogelijkheden over de grenzen heen, maakt dat je als consument niet altijd veel opties hebt om druk uit te oefenen. En als je ogenschijnlijk concurrentie hebt, zoals tussen toeristische bureaus, houden ze duidelijk de prijzen hoog door onderling overleg en zijn geafficheerde prijzen bijna nooit de eindprijs. En de overheid is hier duidelijk van op de hoogte, want hier en daar zijn er al veroordeling voor oneerlijke handelspraktijken geweest, maar die starten gewoon terug op onder een andere handelsnaam. Een deel van de grote Australie liefde volgt trouwens uit eigenschappen van een groot gedeelte de reizigers hier: europese jongeren die naar de andere kant van de wereld komen om te feesten in een veilige omgeving, waar iedereen Engels spreekt en van een cultuur shock geen sprake is, maar die het land niet echt leren kennen en ook weinig andere reiservaringen hebben. Verder veel werk-reizigers, die hier in de fruitpluk met een minimumloon van rond de 20 dollar meer verdienen dan ze ooit thuis kunnen verdienen. Om te zuipen en als jongere wat geld te verdienen is Australie idd een droombestemming.

About the east coast.
Hoewel dit de meest toeristische kant van het land is, en uiteraard vele mooie plekken heeft, is de slotconclusie een duidelijke 'not meet expectations'. Dit is vgs ons een van de meest gehypte landen, overrated en overprijsd. Op wat eilanden na (die trouwens niet mooier zijn dan de eilanden van vele andere landen) en uiteraard het GB Reef, was dit vele minder pittoresk of indrukwekkend dan verwacht. Het binnenland was eigenlijk nog het meest avontuurlijk en indrukwekkend van al. Samen met het reef is de outback het meest unieke aan Australie en voor al het andere vind je betere plekken over de wereld verspreid. Daarbovenop is er wsl geen enkel seizoen waar je de east coast onder geheel goede omstandigheden kan bereizen. In de winter is het koud onder Brisbane en goed erboven, in de zomer is het goed onder Brisbane en heet maar vooral vochtig boven Brisbane, en in de lente en herfst kan het overal alle richtingen uitgaan. In de vroege lente regent het nog van Sydney tot Brisbane, in de late lente is het al stevig nat seizoen boven Brisbane. Overal horen dat ze maanden geen regen zien, maar toevallig als wij er zijn wel, wordt op de duur ongeloofwaardig. Buiten een strook rond de steenbokskeerkring, waar het effectief poeierdroog was met bosbranden tot gevolg, bewijst de groene vegetatie dat het idd met regelmaat van de klok moet regenen aan de kuststrook. Vgs Edwin leren ze als eerste les in de toeristische sektor te zeggen dat het nooit regent. Er moet iets van waar zijn. Uiteraard kom je voor de stranden en wildlife naar de east coast, maar we kunnen alleen maar besluiten dat er mooiere, exotischere, goedkopere, vriendelijkere en aangenamere plekken zijn, waar je niet 24u moet voor vliegen.

Algemeen staat onze Ozzie ervaring onderaan, met Brazilie en Tahiti. De parallellen tussen de landen zijn treffend. Een land dat door zijn marketing een imago creeert dat het niet kan waarmaken, zowel qua impressies (met uitzondering van Rio en Sydney), vriendelijkheid en value for money. Maar het is toch maar weer een ervaring geweest, zij het een 'been there, done that ervaring'.

donderdag 12 november 2009

Het beste van de East Coast, maar niet onder de beste omstandigheden...

Tijd om de volgende hoogtepunten van de oostkust aan te snijden.



Sailing the Whitsundays. Na een avondje stappen in het backpackerplekje Early Beach, een bende marginale en hopeloze nachtbrakers aan het werk gezien te hebben, vertrokken we voor twee dagen en twee nachten zeilen. Enige probleem: regen voorspeld voor twee dagen.



Een zonderling droog moment op de twee dagen, en op het belangrijkste moment, nl. ons bezoek aan Whitehaven Beach, een van de top tien stranden wereldwijd. Meer dan 99% silica, het allerwitste strand dat we ooit gezien hebben. Colombianen zouden het naar het schijnt steevast vergelijken met hun witte poeder.




Twee dagen en twee nachten slapen op een 20 jarige zeilboot en spreekwoordelijk voortdurend over elkaars voeten vallen. Hoogtepunten buiten bovengenoemde strand: snorkelen op verschillende coral reefs rond enkele van de 74 Whitsunday eilanden. Prachtige koralen, zeeschilpadden, en prachtige vissen.





Volgende hoogtepunt: snorkelen op het wereldwonder genaamd Great Barrier Reef. Een ganse dag regen, maar toch nog een zeer mooi zicht onder water. Vreemde ervaring: snorkelen midden in de oceaan. Vele kilometers van het vasteland, in de 'deep sea', plots stukken waar de zee maar enkele meters diep is en riffen met koralen die tot 40 cm onder het wateroppervlak liggen. Ondanks de regen enorm verbrand, wat maar een bewijs is hoe hoog de UV hier is tgv een enorm gat in de ozonlaag hier. Bruno heeft diverse onderwaterfoto's genomen. Als hij terug in Belgie is,`zal hij me er enkele toesturen om met jullie te delen. Je moet er echt geweest zijn om je te kunnen voorstellen hoe het is.

donderdag 5 november 2009

Oef! 1000 dollar boete omgekeerd in officiele waarschuwing!

Een paar telefoontjes later hebben we de 500 dollar boete per voertuig, omgekeerd gekregen in een officiele waarschuwing met volgende mailtje:

"Dear Bruno and Wim
I am in receipt of your letters of appeal against the above infringement notices. Council has reviewed the issuing of these notices and advises as follows:
Caloundra City Local Law 10 (Parks and Reserves) specifically restricts the ability of camping in any off-street car park unless the area is signed allowing camping or a permit is obtained. Council acknowledges that as international tourists you would not have been aware of the restrictions. In order to clarify the issuing of these notices I advise that Council has received complaints regarding visitors camping in Clark Street Car park.
Notwithstanding the above Council has reviewed both your specific circumstances and in this instance will convert infringement notice number 24272 and 24273 to an official warning. I apologise I was unable to ring to discuss this matter with you further, however the telephone numbers provided can not be reached.
If you wish to discuss this matter further please do not hesitate to contact me directly. "
Kerri Paulsen Appeals Officer Response ServicesSunshine CoastRegional Council

Het leven zoals het is: Camping Cosmos